Geplaatst in Gezinsvieringen

Achttiende zondag door het jaar

Navertelling van het Evangelie volgens Matteüs

Jezus geeft de mensen te eten

Omdat Jezus zulke mooie verhalen over God en de mensen kon vertellen, kwamen veel mensen graag naar Hem luisteren. Ook deze keer was het weer druk geweest. De mensen luisterden dan ademloos naar Jezus. Maar nu wilde Jezus alleen zijn. Hij had gehoord dat zijn vriend Johannes gestorven was, en Hij wilde gewoon even stil zijn en wat bidden. Hij stapte in de boot en voer alleen het meer op. Maar de mensen die naar Hem geluisterd hadden waren er nog, en ze wilden meer horen. “We rennen gewoon vooruit, naar de andere kant van het meer”, zei een man. En daar begon iedereen te rennen. Het leek wel of er steeds meer mensen bij kwamen.

Toen Jezus aanlegde en aan de andere kant van het meer uit de boot stapte, zag Hij al die mensen al staan. Hij zuchte eens diep, maar liep toch op ze af. Er waren zieken bij, die kon Hij genezen. Hij kreeg medelijden met al die mensen en begon hen te helpen en genezen. 

Maar het begon al bijna avond te worden en de mensen begonnen honger te krijgen. Daarom zei één van de leerlingen tegen Jezus: “U moet die mensen wegsturen! Het is al laat. Dan kunnen ze in de dorpen in de buurt een slaapplek zoeken en eten kopen.” Jezus keek even om en zei: “Ze hoeven niet weg, geven jullie hen maar te eten.” En Hij ging weer verder met genezen en praten met de mensen. De leerlingen mopperden dat ze maar vijf broden en twee vissen hadden. Moesten zij nou voor al die mensen eten gaan kopen?

Maar nee, dat bedoelde Jezus niet. Hij zei: “Breng die broden en vissen maar bij Mij.” Tegen de mensen zei Hij: “Gaan jullie maar in het gras zitten.” Toen pakte Hij de vijf broden en de twee vissen, keek naar boven en zei: “God, zegen dit eten: dat het iedereen mag voeden en goed mag smaken.” Daarna brak Jezus het brood in stukken. De leerlingen deelden het brood en de vissen uit aan de mensen. Die wisten niet wat ze meemaakten! Iedereen at ervan en iedereen had genoeg! Ze konden eten zoveel ze wilden. Er was zelfs nog brood over. De leerlingen haalden het eten dat over was op: het waren wel twaalf manden vol. Ze keken elkaar aan: “We waren toch minstens met 5000 mensen!”

Dit is het Woord van God.
Kinderen: Wij danken God

San Mateo 14:13-21 | Imágenes catolicas, Milagros de jesús, Dios ...
De broodvermenigvuldiging

Gesprek met de kinderen

Na het lezen van het bijbelverhaal gaan de kinderen ook delen. In het midden van de kring of op tafel staat de zak met broden en visjes. De broodjes en visjes zijn bij de opening aan één van de kinderen gegeven. Begin het gesprek met hem of haar. Mag de zak open, laat eens zien? Is zij/hij blij met het lunchpakketje? Hoe voelt het om heel veel te hebben, terwijl anderen hier vanmorgen niets hebben? Hopelijk is hij of zij na het horen van het Evangelie maar al te bereid om met de anderen te delen. Vraag dan waarom hij of zij dat zou doen. Wil hij/zij het niet liever allemaal zelf houden?

Als het kind dat het lunchpakket gekregen heeft bereid is om uit te delen, laat hem of haar aan elk kind een vis of een broodje geven. Vertel de kinderen van te voren dat ze elkaar bij het geven en ontvangen ook aan moeten kijken. 

Praat daarna met de kinderen over dit delen. Door elkaar aan te kijken zie je met wie je deelt. Dan ben je pas echt aan het delen. Probeer met de kinderen te praten over wat het betekent dat iedereen mee mag delen. Stel vragen als: Hoe vond je het dat er gedeeld werd? (vanzelfsprekend, of juist bijzonder) Hoe zou je het gevonden hebben als je niets had gekregen? Misschien kennen ze situaties of mensen die niet mee mogen delen? 

Ga even terug naar het verhaal: Jezus nam de vijf broden en twee vissen, zegende ze, en brak ze en liet ze aan de menigte uitdelen. En het was genoeg voor de grote groep mensen.
Dit is een prachtig voorbeeld van hoe Jezus uitdeelt om ervoor zorgen dat iedereen genoeg heeft.
Jezus geeft zichzelf helemaal. Hij is helemaal gericht op waar Hij mee bezig is. Hij is met zijn aandacht bij zijn leerlingen en de vele andere mensen wanneer ze samen eten van het brood en de vissen.

Navegar Mar Adentro: Evangelio según San Mateo 14, 13-21

Denk met de kinderen na over wat Jezus zou willen uitleggen aan zijn leerlingen, (die het eerst helemaal niet zagen zitten) maar ook aan alle mensen die daar waren? 
Iedereen heeft genoeg. Maar het gaat er om dat ook iedereen die aanschuift welkom is, precies zoals hij of zij is.
Vertel de kinderen dat Jezus wilde dat iedereen zich welkom voelde. Elke mens telt mee, en is het waard om wat je hebt mee te delen.

Kom tot slot nog even terug op het delen van de broden en de vissen met de groep. Stel de vraag: Zou je als jij alleen iets had ook gedeeld hebben? Wat is leuker, delen of ontvangen, en waarom?

Met wat oudere kinderen kunt u ook nog de link naar de eucharistie leggen: Jezus geeft zichzelf in het brood aan ons, en doordat wij allemaal meedelen zijn we met Hem en elkaar verbonden. 

Vijf broden en twee vissen
Geplaatst in Gezinsvieringen

Sacramentsdag

Evangelie : “Dit is mijn lichaam” (naar Johannes 6,51-58)

Jezus probeerde de mensen uit te leggen wie Hij was. Maar de mensen vonden het maar moeilijk te begrijpen. Wat betekende het toch als Jezus zei: ‘Dit brood is mijn lichaam?’ 

Jezus zei: “Jullie kennen vast de verhalen over het manna in de woestijn”. En Hij vertelde erover.
manna4

In de woestijn hadden de mensen honger en daarom mopperden ze tegen Mozes, die hen daar gebracht had. Ze wilden zelfs terug naar Egypte, naar dat land waar ze slaaf waren geweest. Daar kregen ze tenminste elke dag te eten, al was het niet veel. Beter dan niks! Toen kwam God hun te hulp. Iedere ochtend lag er manna in de woestijn. Kleine witte korreltjes. ‘Wat is dat?’ vroegen de mensen. Manna, dat kon je eten als brood. Zo bleven de mensen in leven. Het manna was prima om te eten. Maar je moest het wel iedere dag oprapen. Je kon het niet bewaren voor de volgende dag. Zo hadden ze elke dag te eten, want zonder eten ga je dood. Als je elke dag manna opraapte en opat, had je geen honger en voelde je je goed.

Jezus zei: “Het is lang geleden dat de mensen dit manna aten. Ze zijn allang dood. Maar Ik ben gekomen om te zorgen dat jullie zullen léven. Ik ben het Levende Brood dat God jullie geeft. Ik geef mezelf aan jullie. Als je mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, zal je leven in eeuwigheid.” Nog steeds snapten de mensen het niet. “Wij kunnen toch geen mensen eten!,” mopperden ze. “En onze wetten verbieden ons om bloed te drinken.”

Toen legde Jezus het nog eens uit: “Zoals jullie kinderen je eigen vlees en bloed zijn, zo ben Ik eigen vlees en bloed van God, mijn Vader. Jullie kunnen ook eigen vlees en bloed van Mij en van God worden. Daarvoor moet je heel dicht bij Mij willen zijn. Ik ben voor jullie het Levende Brood uit de hemel. Als je dit brood eet, zul je voor altijd bij Mij horen.”

De mensen probeerden het te begrijpen, en ze zijn het gaan doen toen Hij niet meer op aarde was. Ze probeerden heel dichtbij Jezus te blijven door zijn brood te eten en te worden zoals Hij.

Gesprek met de kinderen

– Vandaag vieren we het feest van het heilig sacrament, dat we beter kennen als de Eucharistie.
Vraag de kinderen of ze dit woord ‘Eucharistie’ kennen? Laat ze vertellen wat ze er van weten en vul aan. Je kunt er voor kiezen om nu het filmpje met het liedje te laten horen. De kinderen zien dan het klaarmaken van de tafel en de communie. Praat daarna verder over de communie. 
– Als wij de communie krijgen eten we het heilig Brood, de hostie. We denken aan Jezus die zijn leven voor ons gaf. Het is heel bijzonder dat God zo dicht bij ons wil zijn dat Hij zelfs zijn eigen Zoon naar de wereld zond. Hij kwam om met de mensen na te denken over goed leven, en over hoe je dicht bij God kunt leven.
–  Een van de manieren om God dichtbij te voelen is als we het heilig Brood, de hostie eten. Bedenk samen hoe je nog meer heel dicht bij God kan zijn? Wat zou je daarvoor allemaal kunnen doen?
Een van de dingen die voor de hand liggen is bidden. Laat de kinderen wat vertellen of opschrijven wat zij tegen God zouden willen zeggen.

Kleurplaat

Kleurplaat Eerste Communie. Gratis kleurplaten om te printen.
Geplaatst in Gezinsvieringen, Kinderwoorddienst

Pinksteren

Beleef het verhaal van Pinksteren

Geplaatst in eerste communie, Gezinsvieringen, Kinderwoorddienst, Vormsel

Vurige tongen

Beluister en bekijk het Pinksterverhaal :

Geplaatst in eerste communie, Gezinsvieringen, Kinderwoorddienst

Hemelvaart

Bekijk onderstaand filmpje met de uitleg over Hemelvaart

Geplaatst in eerste communie, Gezinsvieringen, Godly Play, Kinderwoorddienst, Vormsel

Pater Damiaan

Jozef werd in Tremelo geboren op 3 januari 1840. Hij groeide op als een gewone jongen. Toen hij 18 jaar was moest hij van zijn vader naar een Franstalige handelschool, maar Jozef voelde zich daar niet thuis. Zijn broer was pater en overtuigde hem om ook bij de paters te komen. In 1859 koos hij als kloosternaam Damiaan. In 1863 vertrok hij naar Hawaï in de plaats van zijn broer. De bisschop was niet al te blij met de komst van Damiaan. Hij had namelijk gehoopt op een priester! Damiaan kreeg een spoedcursus. In 1873 beslist de Hawaïaanse regering dat alle melaatse samen op een afgesloten gedeelte van het eiland moeten geplaatst moeten worden, namelijk op [Molokai]. Ze mochten leven op een schiereiland dat was afgesloten door bergen. Het was voor de meeste mensen om daar over te komen, dus de meelaatsen werden per schip vervoerd. Soms werden de melaatsen van het schip af gegooid. Damiaan ging met de melaatsen mee. In het begin probeert hij fysiek contact te vermijden, maar al snel merkt hij dat hij op die manier geen band kan opbouwen met zijn medeparochianen. dus kiest hij er voor om met hen om te gaan als gewone mensen. In 1889 sterft hij tussen zijn mensen. Aan lepra uiteraard. Maar Damiaan bracht hoop op dit hooploze eiland. Voor hem waren melaatsen allemaal mensen die hulp nodig hadden, en die hulp probeerde hij hen te bieden. Een voorbeeld voor iedereen, vonden veel mensen

Geplaatst in Gezinsvieringen, Kinderwoorddienst

Vijfde Paaszondag

Evangelie

Jezus zat aan tafel met zijn leerlingen. Hij wist dat hij spoedig zou sterven. Hij wilde zijn leerlingen daarop voorbereiden. Hij wilde dat ze het begrepen.
Jezus zei: ‘Wees niet ongerust. Jullie geloven in God, jullie geloven ook in Mij. In het huis van mijn Vader is ruimte voor velen. Als het niet zo was had Ik het niet zo tegen jullie gezegd. Ik ga dood. Dan zal je verdrietig zijn, maar Ik ga voor jullie een plaats klaar maken. Als Ik dat gedaan heb, kom Ik terug om jullie op te halen. Dan zullen we weer samen zijn, voor altijd. Jullie weten waar Ik heen ga en jullie kennen ook de weg. Die weg  moeten jullie volgen.’

Thomas zei: ‘Heer, wij weten helemaal niet waar U heengaat. Dus de weg kennen we ook niet.’
Jezus antwoordde: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan zomaar bij God komen. Het moet via Mij. Als je Mij echt kent, dan ken je ook mijn Vader. En eigenlijk kennen jullie Mij al toch?’

Toen zei Filippus: ‘Heer, laat ons de Vader zien, dan zijn we tevreden.’ Jezus zei: ‘Oh oh, nu ben Ik al zo lang bij jullie en jij kent Mij nog niet, Filippus? Als je Mij ziet, zie je de Vader.
Hoe kun je dan zeggen: “Laat mij de Vader zien?” Geloof je dan dat God de Vader en Ik samen zijn? Geloof je dan niet dat wij altijd bij elkaar zijn: Ik ben in de Vader en de Vader is in Mij? Misschien is het moeilijk, maar als je Mij ziet, zie je ook God de Vader.
Alles wat Ik jullie leer en zeg, verzin Ik niet zelf. Het is de Vader die altijd in Mij aan het werk is. Geloof me maar, Ik ben in de Vader en de Vader is in Mij. Kijk maar eens goed naar Mij. Zie je het niet?
Luister goed, want Ik zeg iets belangrijks tegen jullie: Wie in Mij gelooft, die kan ook doen wat Ik doe. Ja, zelfs nog wel meer! Want Ik zal dood gaan en naar de Vader gaan. Maar jullie blijven hier, dus jullie kunnen doorgaan.’

Dit is het Woord van God
Kinderen: Wij danken God

Gesprek met de kinderen

De eerste woorden van in het Evangelie waren vandaag: ‘Wees niet ongerust’.
Vraag aan de kinderen: Zijn jullie weleens ongerust (bang) geweest? Of waren jouw ouders weleens ongerust? Misschien omdat je te laat thuiskwam?
In tijden van Corona zijn we misschien wel allemaal ongerust!
Normaal voel je in jezelf ‘rust’. Je voelt je gewoon op je gemak, niks aan de hand, alles gaat lekker. Maar er kan zomaar ‘onrust’ komen. Je wordt dan ongerust. Vaak gebeurt dat, als je bang bent dat een ander wat overkomt. Dat kan een ongeluk zijn, maar je kan ook ongerust worden, als je op school slechte cijfers haalt. Dat is misschien niet zo goed voor je toekomst.

Praat met de kinderen door over de woorden gerust (niet bang zijn) en ongerust (bang zijn). Bedenk met elkaar eens situaties waarin je bang (ongerust) kunt zijn. Wat kun je er aan doen om minder bang te zijn of helemaal niet meer bang te zijn? Bidden kan soms helpen. Dan zeg je tegen God waarom je ongerust bent. Of erover praten met je ouders of iemand anders. Samen praten over je onrust helpt.

Jezus zegt ook: ”Wie in mij gelooft, kan ook doen wat Ik doe”. Laat maar zien en horen dat je gelooft in Jezus. Vertel aan de kinderen hoe u dit zelf laat zien aan de hand van een eigen praktijkvoorbeeld. (Vrijwilliger zijn van de kinderwoorddienst kan een voorbeeld zijn om te laten zien, hoe u zelf iets van uw geloof laat zien. Of misschien doet u iets anders, geïnspireerd door uw geloof).

Knutselwerkje

Maak dit knutselwerkje samen met jullie ouders en stuur het naar info@catecheseinborgloon.be en we posten jullie kunstwerkjes op onze website.

Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven

Dit is een voorbeeldje van hoe het zou kunnen worden :

Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven, knutselwerkje bij de ...

Geplaatst in eerste communie, Gezinsvieringen, Godly Play, Kinderwoorddienst, Vormsel

Moederdag

Mama, eindelijk is het de dag dat ik je eens verwennen mag.
Vandaag hoef je eens niet voor ons te zorgen. Bewaar dat maar gerust voor morgen.
Blijf nu maar eens lekker lui vandaag, want jou verwennen doe ik graag. Ik wens je een prettig feest en een luie dag het allermeest.

Gebedje :

We bidden vandaag opdat alle moeders en grootmoeders zouden mogen uitblinken in tederheid en liefde en hun kinderen en kleinkinderen mogen begeleiden op hun levensweg.
We bidden ook dat ze zich niet zouden wegcijferen en de kracht ontvangen om zichzelf te ontplooien.

Amen.

Geplaatst in eerste communie, Gezinsvieringen, Godly Play, Kinderwoorddienst, Vormsel

Gebed om Jezus te volgen

Goede God,
Wij danken U voor een plaats waar wij ons thuis voelen,
veilig als schapen in een stal.
Wij bidden U: voor mensen die zoeken,
voor iedereen die zoekt naar vrede en veiligheid,
voor iedereen die zoekt naar een plek
om te rusten als schapen in een stal.

Help ons voor elkaar te zorgen,
zoals Jezus voor zijn schapen zorgt.
Laten wij Jezus volgen,
zoals de schapen hun herder volgen.

Wees bij ons, overdag en ’s nachts
en leidt ons door de deur
naar een ruimte van vrede en liefde.
Amen

Geplaatst in eerste communie, Gezinsvieringen, Godly Play, Kinderwoorddienst, Vormsel

Gebed 26 april

Jezus,

Je wandelt altijd met ons mee

maar we herkennen je niet altijd

soms moet je ons daarbij helpen

zoals bij de leerlingen heel lang geleden.

Dank je wel dat je er voor ons bent.

Amen